Stap 3: Afstand nemen van uw verstand

Heeft u leuke oefeningen kunnen bedenken? Hoe was het om stil te staan bij de gevoelens die u meestal weg drukt? Hoe was het om de gedachten die u meestal niet mag hebben toch toe te laten?

Vindt u dat nog lastig? Heeft u de oefeningen wel gedaan?

U hoeft natuurlijk niets en zeker niet van mij! U kunt blijven luisteren naar uw verstand dat roept: DAT GAAT NIET LUKKEN! HET IS ALLEMAAL ONZIN, HET WERKT TOCH NIET! WELK VERSTANDIG MENS GAAT NU MET ZIJN HANDEN IN EEN BAK YOGHURT VROETEN!

Tja, u kunt ook wel naar uw verstand luisteren EN toch doen wat U WILT!

Een ding is zeker: Dit programma werkt alleen als u bereid bent om de oefeningen te doen ongeacht wat uw verstand roept.

Aanpassen van regels
Een oefening om uw verstand dwars te zitten, is het aanpassen van de regels. Weet u nog, de verboden en geboden uit uw ‘Regelboekje’.

Vervang in alle zinnen het woordje ‘moeten’ met het woordje ‘mogen’. Lees dan de zinnen nogmaals terug. Hoe voelt dat?

De tweede stap in deze oefening is uw manier van spreken aan te passen. Let op! U hoeft het woordje ‘moeten’ niet helemaal te verbannen uit uw woordenschat – soms is deze stok achter de deur wel handig. U hoeft het alleen niet zo vaak te gebruiken – dus oefen nu even om elk ‘moeten’ te vervangen met ‘mogen’. Vraag uw partner en vrienden om u daarbij te helpen met u erop te attenderen als u ‘ik moet’ gebruikt. Steeds als u denkt of hardop uitspreekt dat u iets moet, herhaal dan de zin met ‘ik mag’. In plaats van ‘ik moet gaan werken’ zegt u ‘ik mag gaan werken’; of in plaats van ‘ik moet geen fouten maken’ zegt u ‘ik mag fouten maken’.

Als u burn-out bent dan komt dat vaak omdat u zo veel van uzelf moet. Voelt u hoe de energie uit u stroomt als u denkt aan alle dingen die u moet?

U kunt dit proces stoppen door uzelf een keuze te geven. U kunt STOPPEN met moeten en bedenken dat u MAG kiezen!

Weg met ‘maar’
Een tweede woordje dat vaak voor belemmering in uw gedrag zorgt, is het woordje ‘maar’. MAAR is vaak een aankondiging van een excuus dat aangeeft waarom u iets niet kunt doen. Bijvoorbeeld ‘ik moet hardlopen, maar het regent’. Hierbij is de regen uw excuus om thuis op de bank te blijven zitten in plaats van te gaan bewegen. Als u deze zin zou omvormen tot ‘Ik mag gaan hardlopen EN het regent’ dan ziet u dat deze twee dingen naast elkaar kunnen bestaan. De eerste zin zegt eigenlijk dat droog weer een voorwaarde is om te gaan hardlopen, terwijl de tweede zin een constatering is van een feit en geen voorwaarde om wel of niet te gaan hardlopen.

In hoeveel situaties schept u voor uzelf voorwaarden die u belemmeren om iets, dat u graag wilt, ook daadwerkelijk te doen?

Bijvoorbeeld “ik wil graag mijn collega op zijn gedrag aanspreken, maar ik ben bang dat hij dan boos wordt”

Als u zegt: “ik wil graag mijn collega op zijn gedrag aanspreken, EN ik ben bang dat hij dan boos wordt”, dan bestaan die twee dingen naast elkaar en sluiten elkaar niet uit. U kunt uw collega dus aanspreken ondanks dat u bang bent. Leuk is het niet, wel mogelijk!

Courage is de willingness to be afraid and ACT anyway

‘Moeten’ met ‘mogen’ en ‘maar’ met ‘en’ vervangen is niet DE oplossing voor al uw problemen. Dit geeft u alleen meer keuze mogelijkheden. U kunt nog steeds niet alles controleren, u kunt wel kiezen of u dit feit zult vermijden/bevechten of accepteren en alsnog doen wat u zelf wilt.

Als u dit nog steeds moeilijk vindt of u weet niet hoe dat moet ga dan terug naar stap 2

Was u wel bereid om allerlei gevoelens en gedachten te accepteren en u heeft allerlei gekke dingen gedaan, dan bent u klaar voor de derde stap.

Derde stap

Als u de oefeningen in stap 2 heeft uitgevoerd, dan heeft u waarschijnlijk uw verstand heel hard horen roepen dat u gek bent, kinderachtig, belachelijk, niet wijs, …… (vul zelf verder maar in).

Dat doet ons verstand dus constant bij alles wat we doen of willen doen. Het overlaadt ons steeds met adviezen, kritiek, waarschuwingen, etc., wat allerlei emoties bij ons oproept en dat bepaalt vervolgens of we iets wel of niet doen.

Het verstand is een raar ding, gecreëerd door ons brein en daardoor evolutionair bepaald. Ons brein helpt ons namelijk te overleven en is daardoor ingesteld om alles wat gevaar oplevert te kunnen voorzien en voorkomen (denk aan alarmfilmpje dat u vorige week heeft bekeken). Onze wereld is in de huidige tijd nog steeds niet zonder gevaar – het is niet veilig om op een snelweg te gaan fietsen, of een kind met lucifers te laten spelen. Maar heel veel situaties die vroeger levensbedreigend waren, zijn dat niet meer, toch waarschuwt ons brein ons daar nog steeds voor. Bijvoorbeeld ‘je moet aardig gevonden worden, of anders word je uit de stam gedreven en opgegeten door wilde dieren’. We willen massaal (vooral vrouwen) nog steeds aardig gevonden worden ook al is dat soms niet functioneel. Of ‘Ik moet altijd de beste zijn want alleen de besten (ont)vangen voldoende voedsel om te overleven’. Dus streven we naar macht en leveren we topprestaties, want alleen perfectie telt. We willen steeds meer geld want ons brein gelooft in schaarste en we moeten ‘hamsteren’ anders overleven we niet.

Omdat al die gedachten allerlei emoties oproepen, kunnen we alleen van deze gedachten al boos, bang, ongeduldig, verdrietig, etc. worden al is daar in de buitenwereld geen aanleiding voor. Ze kunnen ons ook blij, gelukkig en verliefd maken, maar daar gaat het in deze sessie niet over 😊

Wegens deze overlevingsstrategie is het erg moeilijk om een strijd aan te gaan met het verstand. Dat lukt zeker niet door deze gedachten door andere gedachten te vervangen want denken met denken bestrijden lukt niet. Einstein zei al dat de problemen niet opgelost kunnen worden op de manier waarop ze ontstaan zijn – door het denken dus?

Dat betekent dat defusie alles te maken heeft met het gedrag en ervaren. Ik nodig u dus uit om weer van alles te gaan doen, hoe gek het ook lijkt. Bent u daartoe bereid?


Oefening
Schrijf alle gedachten die nu door u heen gaan op. Lokt dit andere gedachten uit? Schrijf deze dan ook op. Ga door tot u het idee heeft dat u alles heeft opgeschreven wat er in u omgaat.


Hoeveel velletjes heeft u volgeschreven voordat u bent gestopt? Hoe makkelijk of hoe moeilijk was het om de gedachten te ‘vangen’? Kwam er überhaupt een einde aan uw gedachten?

Hier kan de waterval als een metafoor gebruikt worden:

“Het verstand produceert een waterval van gedachten. Nu kunt u twee dingen doen. U kunt onder de waterval gaan staan en u laten meesleuren door de gedachten. U kunt ook proberen achter de waterval te gaan staan, terwijl u uw gedachten observeert. U kijkt ernaar, maar wordt er niet langer door meegetrokken.”

Lukt het nog niet om naar de gedachten als iets buiten uzelf te kijken? Doe dan het volgende:


Gedachten op post-it

foto: Startaê Team

Neem een paar grote memoblokjes. Schrijf elke gedachte die bij u opkomt op een apart briefje. Bijvoorbeeld de gedachte; ‘wat een belachelijke oefening’ en ‘wat zonde van de memobriefjes’ en ‘ik ben wel gek om dit te doen’ schrijft u allemaal op een apart briefje en plak het ergens op een muur, deur of spiegel op. Heeft u geen gedachten? Dan is dat toch een gedachten dus u schrijf op: ‘ik heb geen gedachte’, kijk of de waterval hierna gaat stromen. Het maakt niet uit wat u denkt, al is het nog zo gek en ook al schaamt u zich ergens voor. Probeer alles op te schrijven. Dit is uw privé tijd alleen bestemd voor u en uw gedachten! Ga door tot de gekozen oppervlakte helemaal bedekt is of zelfs langer.

Wat doet het met u als u al die gedachten zo voor u (om u heen) ziet?

Sta even stil bij dit gevoel. Het maakt niet uit of het positief of negatief is, laat het gewoon toe, ervaar het.

 

Gefeliciteerd! U bent er in geslaagd om uw gedachten uit uw hoofd te halen en u kunt naar ze kijken. Dat betekent dat u afstand van ze kunt nemen en dat u klaar bent voor de volgende oefening.


Geef je verstand een koosnaampje

©Maja Bloemraad

Nu dat u weet dat u afstand van uw gedachten kunt nemen, kunt u ook in gesprek gaan met uw verstand. Maar zoals de etiquette het voorschrijft is het netjes als u de naam van uw gesprekspartner weet. Kies dus een naam voor uw verstand. Dat mag van alles zijn. Welke associaties krijgt u bij het luisteren naar uw gedachten? Zijn dat piepstemmetjes, net als een muisje of een vogeltje, is het een fluistering net als de vlucht van een uil, brullen van een tijger? U kunt ook de naam van een persoon nemen (neem een persoon die u wel vriendelijk vindt maar niet echt uw vriend of familie is). Of een typetje uit een (teken)film, boek of gedicht.

Het maakt niet uit welke naam u het geeft, als u het maar doet zodat u in gesprek kunt gaan met uw verstand:

“zeg ……. wat ben je weer actief vandaag. Word je nooit moe van dat getetter in mijn oor?”


Voelt dit raar en ongemakkelijk, voelt u weerstand? Heel goed, dat betekent dat het werkt! Ervaar het, laat dit gevoel toe: u MAG rare dingen doen EN het voelt ongemakkelijk.

Roept uw verstand dat het geen zin heeft in deze oefening, dan is dat prima: doe de oefening dan samen met tegenzin!

Uw verstand is niet altijd uw vriend, maar het is ook geen vijand. Hoe erg u uw gedachten en gevoelens die dat oproept ook vindt, vergeet nooit dat het doel van uw verstand overleven is. Het wil u beschermen tegen anderen al roept het dan de vreselijkste dingen en laat u voelen als een uitgewrongen dweil. Of het nu leuk is of niet, uw verstand zal altijd bij u zijn! Het is wel uw keuze om daar afstand van te nemen en acties te ondernemen die u wilt, al roept uw verstand nog zo hard dat u het niet (aan)kunt.

Blijf hier dagelijks mee oefenen. Maak morgenochtend al meteen bij het ontbijt (of wakker worden, maakt mij niets uit) de volgende oefening:


Het Perfecte-dag-journaal
Vaak begint het verstand al bij het ontwaken met een lijst van eisen over allerlei dingen die die dag gedaan moeten worden. Pak ’s ochtends een apparaat waarmee u geluid kunt opnemen (uw telefoon of iets dergelijks) en maak een Perfecte-dag-journaal.

Bijvoorbeeld zoiets als: “Goedemorgen, het is dinsdagochtend en u luistert naar het Perfecte-dag-journaal. Vandaag moet ik in gesprek gaan met Hans over zijn steeds te laat komen. Dat moet wel meteen als hij binnenkomt want dan kan hij mij niet ontwijken door te zeggen dat hij geen tijd heeft. Met Marrie moet ik een agenda samenstellen voor de vergadering van volgende week, zodat iedereen tijd genoeg heeft om zich voor te bereiden. Verder moet ook het jaarverslag vandaag absoluut nog af en moet ik een presentatie voorbereiden voor het bestuur, want daar mag niets mis gaan. Na het werk moet ik even langs bij mijn schoonmoeder, ze is veel te vaak alleen, misschien maak ik ook nog een wandeling met haar als het weer mooi blijft. Als ik thuis kom, moet ik een was draaien, de hond uitlaten, eten voorbereiden en de mail doornemen. Dan heb ik na het eten even rust, kan ik eindelijk het studieboek doornemen dat al een tijdje op de boekenplank staat. Bedankt voor het luisteren. Morgen is er weer een Perfecte-dag-journaal.”

Maak een officieel journaal en spreek het in met uw plechtigste stem. Luister het daarna een paar keer terug.


Een leuke illustratie van hoe gek onze gedachten kunnen zijn leest u in ‘Als een koe kon denken’ van Gijs Jansen. Veel plezier met (hoe heet uw verstand al weer?) en tot de volgende week met stap vier.

Wilt u dit liever persoonlijk bespreken? Dat kan – stuur maar een mailtje naar info@bloemraadpsychologen.nl